MARI

Showing posts with label Verhaal. Show all posts
Showing posts with label Verhaal. Show all posts

Friday, February 6, 2009

Peer Gynts verhaal


Ontroering is moeilijk in woorden te vangen. Je hebt er een lange aanloop voor nodig en daarna een zacht kussentje om weer op te landen. Muziek is een veel directere toegang dan taal.

Vanochtend mochten we als ouders komen kijken in de Dr. Anton Philipszaal, waar het Residentieorkest een bewerkte jeugdversie van Peer Gynt uitvoerde. Zij kregen daarbij hulp van een stuk of veertig kinderen, die de achterste rij van het podium vulden. Jasper en zijn klas deden ook mee. Op aanwijzing van een tweede dirigent sloegen zij op slagwerk of rinkelden met tamboerijnen. De muziek van Grieg biedt geweldige mogelijkheden voor dit soort dynamiek, dus dat klonk fantastisch.

De concentratie waarmee de kinderen muziek maakten was al prachtig om te zien, maar de verteller René Groothof zorgde er helemaal voor dat we als toehoorders meegesleept raakten. De sage van de boerenjongen Peer Gynt gaat erover dat je jezelf moet leren kennen, vertelde Groothof aan zijn jonge publiek. Iederéén moet zichzelf leren kennen. Dat betekent dat je moet kiezen. Maar Peer Gynt gaat steeds op de vlucht, totdat het te laat is.

Groothof was niet alleen verteller, maar ook acteur en mimespeler. In de rol van Peer Gynt liet hij zijn breekbare moedertje van louter doeken in zijn armen sterven. En zelfs zong hij met zijn mannenstem de indrukwekkende aria Solveigs Lied. "Ik zou zo wel bij hem op schoot willen kruipen", vertelde een moeder na afloop. "Ik voelde me weer helemaal kind."

Nadat de meespelende kinderen ook nog even in trollen waren veranderd, mochten ze de rest van de voorstelling in de zaal zitten. Peer Gynt is inmiddels in Afrika beland en wil zich tot koning laten kronen. Bij de muziek die dan volgt, doet de hele zaal vol kinderen mee met ritmisch handengeklap, vingergeknip en gestamp. Zelden zo'n indrukwekkend geluid gehoord.

Amper een uur later staan we weer buiten. Vanuit de Noorse berg en de trollengrotten moeten we nu ineens terugkeren op aarde en wennen aan het daglicht. Die landing was best hard. Deze voorstelling had van mij nog heel wat langer mogen duren.

Peer Gynts verhaal


Ontroering is moeilijk in woorden te vangen. Je hebt er een lange aanloop voor nodig en daarna een zacht kussentje om weer op te landen. Muziek is een veel directere toegang dan taal.

Vanochtend mochten we als ouders komen kijken in de Dr. Anton Philipszaal, waar het Residentieorkest een bewerkte jeugdversie van Peer Gynt uitvoerde. Zij kregen daarbij hulp van een stuk of veertig kinderen, die de achterste rij van het podium vulden. Jasper en zijn klas deden ook mee. Op aanwijzing van een tweede dirigent sloegen zij op slagwerk of rinkelden met tamboerijnen. De muziek van Grieg biedt geweldige mogelijkheden voor dit soort dynamiek, dus dat klonk fantastisch.

De concentratie waarmee de kinderen muziek maakten was al prachtig om te zien, maar de verteller René Groothof zorgde er helemaal voor dat we als toehoorders meegesleept raakten. De sage van de boerenjongen Peer Gynt gaat erover dat je jezelf moet leren kennen, vertelde Groothof aan zijn jonge publiek. Iederéén moet zichzelf leren kennen. Dat betekent dat je moet kiezen. Maar Peer Gynt gaat steeds op de vlucht, totdat het te laat is.

Groothof was niet alleen verteller, maar ook acteur en mimespeler. In de rol van Peer Gynt liet hij zijn breekbare moedertje van louter doeken in zijn armen sterven. En zelfs zong hij met zijn mannenstem de indrukwekkende aria Solveigs Lied. "Ik zou zo wel bij hem op schoot willen kruipen", vertelde een moeder na afloop. "Ik voelde me weer helemaal kind."

Nadat de meespelende kinderen ook nog even in trollen waren veranderd, mochten ze de rest van de voorstelling in de zaal zitten. Peer Gynt is inmiddels in Afrika beland en wil zich tot koning laten kronen. Bij de muziek die dan volgt, doet de hele zaal vol kinderen mee met ritmisch handengeklap, vingergeknip en gestamp. Zelden zo'n indrukwekkend geluid gehoord.

Amper een uur later staan we weer buiten. Vanuit de Noorse berg en de trollengrotten moeten we nu ineens terugkeren op aarde en wennen aan het daglicht. Die landing was best hard. Deze voorstelling had van mij nog heel wat langer mogen duren.

Sunday, January 18, 2009

Tropische verhalen

Bij Sharda, die opgroeide in Brits Guyana, hadden ze vroeger thuis alleen een petroleumlampje. Omdat om zes uur 's avonds donker werd, moest Sharda zorgen dat ze haar huiswerk tegen het vallen van de avond af had. Televisie was er niet. Iedere avond vertelden haar opa en haar vader kleurrijke verhalen over hun jeugd.

Sharda is dus opgegroeid met vertelkunst, maar haar twee eigen dochters heeft ze weinig verteld over haar jeugd in Zuid-Amerika. Tot gisteren. In een klaslokaal in Amsterdam-Noord vertelde Sharda over haar schoolleven in het tropische klimaat aan haar dochters en aan een aantal andere kinderen. Dat gebeurde op uitnodiging van de Weekendschool, waarbij de lessen gisteren in het teken stonden van verhalen vertellen. Van een professionele verhalenverteller had Sharda en drie andere ouders diverse tips gekregen: veel details vertellen, de toehoorders bij je verhaal betrekken en je gezicht laten meespreken. En dat lukte, want Sharda zat met stralende ogen haar herinneringen uit de doeken te doen.

Terwijl de regen buiten de Amsterdamse buurt nog treuriger maakte dan anders, zaten Sharda's dochters binnen in het klaslokaal met rode oortjes te luisteren. Sharda moest als ze thuis kwam na een lange zweterige wandeling eerst zorgen dat haar klamme uniform weer fris werd voor de volgende dag. En Sharda keek goed uit dat haar boeken niet beschadigd raakten, want op vlekken of ezelsoren stonden flinke straffen. In het ergste geval moest je een uur met je handen je oren vasthouden als teken dat je wist waar je oren aan je hoofd zaten. Je oren even loslaten? Dan werd de straf met een kwartier verlengd.

Toch had Sharda best een leuke schooltijd. Eén keer per jaar gingen ze met de hele school naar het strand om cricket te spelen, te zwemmen en te barbecuen. Je kon zomaar in het oerwoud verdwaald raken als je de vuurvliegjes volgde en niet goed oplette waar je heen liep. Op het strand waren prachtige schelpen te vinden. Sharda heeft ze nog steeds bewaard.

Verhalen vertellen is een fantastische manier om mensen met elkaar in contact te brengen. Dat hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Een verhaal over jeugdherinneringen is al spannend genoeg. Ik denk dat Sharda's dochters na afloop nog wel meer willen weten over de exotische jeugdjaren van hun moeder in Zuid-Amerika. En dat ze die schelpen met eigen ogen willen zien.

Tropische verhalen

Bij Sharda, die opgroeide in Brits Guyana, hadden ze vroeger thuis alleen een petroleumlampje. Omdat om zes uur 's avonds donker werd, moest Sharda zorgen dat ze haar huiswerk tegen het vallen van de avond af had. Televisie was er niet. Iedere avond vertelden haar opa en haar vader kleurrijke verhalen over hun jeugd.

Sharda is dus opgegroeid met vertelkunst, maar haar twee eigen dochters heeft ze weinig verteld over haar jeugd in Zuid-Amerika. Tot gisteren. In een klaslokaal in Amsterdam-Noord vertelde Sharda over haar schoolleven in het tropische klimaat aan haar dochters en aan een aantal andere kinderen. Dat gebeurde op uitnodiging van de Weekendschool, waarbij de lessen gisteren in het teken stonden van verhalen vertellen. Van een professionele verhalenverteller had Sharda en drie andere ouders diverse tips gekregen: veel details vertellen, de toehoorders bij je verhaal betrekken en je gezicht laten meespreken. En dat lukte, want Sharda zat met stralende ogen haar herinneringen uit de doeken te doen.

Terwijl de regen buiten de Amsterdamse buurt nog treuriger maakte dan anders, zaten Sharda's dochters binnen in het klaslokaal met rode oortjes te luisteren. Sharda moest als ze thuis kwam na een lange zweterige wandeling eerst zorgen dat haar klamme uniform weer fris werd voor de volgende dag. En Sharda keek goed uit dat haar boeken niet beschadigd raakten, want op vlekken of ezelsoren stonden flinke straffen. In het ergste geval moest je een uur met je handen je oren vasthouden als teken dat je wist waar je oren aan je hoofd zaten. Je oren even loslaten? Dan werd de straf met een kwartier verlengd.

Toch had Sharda best een leuke schooltijd. Eén keer per jaar gingen ze met de hele school naar het strand om cricket te spelen, te zwemmen en te barbecuen. Je kon zomaar in het oerwoud verdwaald raken als je de vuurvliegjes volgde en niet goed oplette waar je heen liep. Op het strand waren prachtige schelpen te vinden. Sharda heeft ze nog steeds bewaard.

Verhalen vertellen is een fantastische manier om mensen met elkaar in contact te brengen. Dat hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Een verhaal over jeugdherinneringen is al spannend genoeg. Ik denk dat Sharda's dochters na afloop nog wel meer willen weten over de exotische jeugdjaren van hun moeder in Zuid-Amerika. En dat ze die schelpen met eigen ogen willen zien.

Friday, December 19, 2008

Laat je hoofdpersoon ook aankomen op het strand


Als je in een verhaal schrijft dat je hoofdpersonage naar het strand gaat, dan moet je hem of haar daar ook laten arriveren. Het klinkt voor de hand liggend, maar ik had dit detail in mijn verhaal toch even over het hoofd gezien. Voor mij was het strand alleen een decor, een achtergrondje, een beetje couleur locale. Ik wilde namelijk in de eerste plaats schrijven over een vrouw die zich ontworstelt aan een beklemmend milieu en de wijde wereld invliegt. En dat alles doorvlochten met kwesties van liefde, leven en dood.

Spanningsboog
De afgelopen weken volgde ik een cursus literaire technieken voor waargebeurde verhalen om te leren hoe je een bestaand verhaal op een spannende en aantrekkelijke manier opschrijft. Het werken met een spanningsboog is dagelijkse kost, maar in een groot verhaal blijkt dit veel ingewikkelder te zijn. Zo is het in de journalistiek het heel gebruikelijk om je artikel te beginnen met een zogeheten 'James Bond-opening' . Een spectaculaire passage, waardoor de lezer midden in de actie zit en onmiddellijk bij de kladden gegrepen wordt. In een langer verhaal blijkt zo'n overrompelende scène helemaal niet te werken. Om mee te leven met de hoofdpersoon moet de lezer juist de held of heldin eerst leren kennen. Dat vereist een geleidelijke spanningsopbouw en een introductie van zijn belangrijkste motieven.

Lange waargebeurde verhalen vereisen vooral meer subtiliteit en dosering dan in een journalistiek artikel, is mij nu duidelijk. Een schrijver dient zijn hoofdpersonage met slechts een beperkt aantal fysieke ongemakken tegelijkertijd op te zadelen, want het wordt de lezer al snel te veel. En de beschrijving van een overlijdensgeval én de geboorte van een kind op één pagina, zoals ikzelf deed, was helemaal teveel van het goede. Sommige waargebeurde verhalen zijn overvol met heftige gebeurtenissen, maar dan is het toch aan de schrijver om te selecteren. Hij heeft de taak de lezer geleidelijk van het ene naar het andere life-event te begeleiden en na ingrijpende gebeurtenissen zachtjes op te vangen.

Vijf zinnen verder
Gelukkig blijk ik niet de enige te zijn die met dit soort dingen worstelt. Schrijfster Judith Koelemeijer, de leidster van de cursus, heeft zelf jaren erover gedaan om haar twee boeken Het zwijgen van Maria Zachea en Anna Boom in een goede vorm te gieten. Er zijn dagen dat je maar vijf zinnen verder komt, vertelde ze.

Om de verhaaltechnieken onder de knie te krijgen, kan ik in ieder geval veel lezen. De Nederlandse literatuur kent steeds meer goede voorbeelden van prachtige non-fictiewerken, zoals het oeuvre van Geert Mak en Frank Westerman. En verder neem ik de tip van Judith Koelemeijer ter harte om gewoon een blokje om te gaan als je naar treffende beelden zoekt om grote gebeurtenissen rondom liefde, leven en dood op een oorspronkelijke manier op papier te krijgen. Naar het strand bijvoorbeeld.

Laat je hoofdpersoon ook aankomen op het strand


Als je in een verhaal schrijft dat je hoofdpersonage naar het strand gaat, dan moet je hem of haar daar ook laten arriveren. Het klinkt voor de hand liggend, maar ik had dit detail in mijn verhaal toch even over het hoofd gezien. Voor mij was het strand alleen een decor, een achtergrondje, een beetje couleur locale. Ik wilde namelijk in de eerste plaats schrijven over een vrouw die zich ontworstelt aan een beklemmend milieu en de wijde wereld invliegt. En dat alles doorvlochten met kwesties van liefde, leven en dood.

Spanningsboog
De afgelopen weken volgde ik een cursus literaire technieken voor waargebeurde verhalen om te leren hoe je een bestaand verhaal op een spannende en aantrekkelijke manier opschrijft. Het werken met een spanningsboog is dagelijkse kost, maar in een groot verhaal blijkt dit veel ingewikkelder te zijn. Zo is het in de journalistiek het heel gebruikelijk om je artikel te beginnen met een zogeheten 'James Bond-opening' . Een spectaculaire passage, waardoor de lezer midden in de actie zit en onmiddellijk bij de kladden gegrepen wordt. In een langer verhaal blijkt zo'n overrompelende scène helemaal niet te werken. Om mee te leven met de hoofdpersoon moet de lezer juist de held of heldin eerst leren kennen. Dat vereist een geleidelijke spanningsopbouw en een introductie van zijn belangrijkste motieven.

Lange waargebeurde verhalen vereisen vooral meer subtiliteit en dosering dan in een journalistiek artikel, is mij nu duidelijk. Een schrijver dient zijn hoofdpersonage met slechts een beperkt aantal fysieke ongemakken tegelijkertijd op te zadelen, want het wordt de lezer al snel te veel. En de beschrijving van een overlijdensgeval én de geboorte van een kind op één pagina, zoals ikzelf deed, was helemaal teveel van het goede. Sommige waargebeurde verhalen zijn overvol met heftige gebeurtenissen, maar dan is het toch aan de schrijver om te selecteren. Hij heeft de taak de lezer geleidelijk van het ene naar het andere life-event te begeleiden en na ingrijpende gebeurtenissen zachtjes op te vangen.

Vijf zinnen verder
Gelukkig blijk ik niet de enige te zijn die met dit soort dingen worstelt. Schrijfster Judith Koelemeijer, de leidster van de cursus, heeft zelf jaren erover gedaan om haar twee boeken Het zwijgen van Maria Zachea en Anna Boom in een goede vorm te gieten. Er zijn dagen dat je maar vijf zinnen verder komt, vertelde ze.

Om de verhaaltechnieken onder de knie te krijgen, kan ik in ieder geval veel lezen. De Nederlandse literatuur kent steeds meer goede voorbeelden van prachtige non-fictiewerken, zoals het oeuvre van Geert Mak en Frank Westerman. En verder neem ik de tip van Judith Koelemeijer ter harte om gewoon een blokje om te gaan als je naar treffende beelden zoekt om grote gebeurtenissen rondom liefde, leven en dood op een oorspronkelijke manier op papier te krijgen. Naar het strand bijvoorbeeld.

Thursday, December 18, 2008

De herder en zijn nukkige kudde

Wat draagt een herder als hoofddeksel en waar haal je zo gauw een arreslee vandaan? Het zijn gewichtige vragen voor kinderhoofdjes.

Niels is uitverkoren voor de rol van herder in het kerstspel en dat heeft hem de afgelopen week behoorlijk veel stress opgeleverd. Zijn uitdossing wisten we te nog wel regelen door een gebreide plaid in schaapskleuren van een flink gat te voorzien, waar hij zijn hoofd doorheen kon steken. Jasper heeft behulpzaam de inkeping met stiksteken vastgezet, zodat het breisel niet verder uitrafelt. Een riem erom heen en klaar. Zijn hoofddeksel zorgde voor heel wat meer discussies in huis. Uiteindelijk draagt hij een iets te kleurige doek met een touw er omheen, zodat hij in de verte wel aan een oosters heerschap doet denken.

Naar mate de week vorderde, kregen we meer zicht op de tamelijk bizarre verhaallijn van het kerstspel. Bij nader inzien had hij net zo goed een bontmuts op kunnen zetten. Hij bleek namelijk geen schapen onder zijn hoede te hebben als herder, maar rendieren bij de Poolcirkel en een zielig hertje. De zorgen over de juiste uitdossing vielen bovendien in het niet bij een veel groter probleem, namelijk dat zijn kudde bij het instuderen totaal niet meewerkte. Zonder begeleiding van juf of ouder gingen de andere toneelspelertjes liever pakkertje spelen dan volgzaam zijn enorme herdersstaf achterna sjokken. Het meest irritante was volgens Niels nog wel dat de spelers moesten flauwvallen, maar dat ze al liggend bleven doorgiebelen.

Gisteren kondigde Niels aan dat hij goed nieuws én slecht nieuws had over de vorderingen. Het goede nieuws was dat een nieuwe instudeerpoging een iets beter resultaat had opgeleverd dan de dagen ervoor. Het slechte nieuws was dat hij het resultaat nog steeds beroerd vond. Ondertussen hadden de kinderen ook nog bedacht dat er een arreslee moest komen om het geheel te completeren.

Dat wordt al met al een toneeluitvoering met een open einde met een groot beroep op het improvisatievermogen van zowel spelers als toeschouwers. Ik ben heel benieuwd of hij vandaag bij het optreden zijn kudde binnen de leibanden van de denkbeeldige arreslee krijgt.

Naschrift: Het meisje dat het zielige hertje zou spelen, bleek vandaag bij de uitvoering ziek te zijn. Een ander kind is moeiteloos in het gat gesprongen en heeft de rol met verve gespeeld. De toeschouwers hebben van dit alles niets in de gaten gehad en zelfs de verdwenen arreslee niet gemist.

De herder en zijn nukkige kudde

Wat draagt een herder als hoofddeksel en waar haal je zo gauw een arreslee vandaan? Het zijn gewichtige vragen voor kinderhoofdjes.

Niels is uitverkoren voor de rol van herder in het kerstspel en dat heeft hem de afgelopen week behoorlijk veel stress opgeleverd. Zijn uitdossing wisten we te nog wel regelen door een gebreide plaid in schaapskleuren van een flink gat te voorzien, waar hij zijn hoofd doorheen kon steken. Jasper heeft behulpzaam de inkeping met stiksteken vastgezet, zodat het breisel niet verder uitrafelt. Een riem erom heen en klaar. Zijn hoofddeksel zorgde voor heel wat meer discussies in huis. Uiteindelijk draagt hij een iets te kleurige doek met een touw er omheen, zodat hij in de verte wel aan een oosters heerschap doet denken.

Naar mate de week vorderde, kregen we meer zicht op de tamelijk bizarre verhaallijn van het kerstspel. Bij nader inzien had hij net zo goed een bontmuts op kunnen zetten. Hij bleek namelijk geen schapen onder zijn hoede te hebben als herder, maar rendieren bij de Poolcirkel en een zielig hertje. De zorgen over de juiste uitdossing vielen bovendien in het niet bij een veel groter probleem, namelijk dat zijn kudde bij het instuderen totaal niet meewerkte. Zonder begeleiding van juf of ouder gingen de andere toneelspelertjes liever pakkertje spelen dan volgzaam zijn enorme herdersstaf achterna sjokken. Het meest irritante was volgens Niels nog wel dat de spelers moesten flauwvallen, maar dat ze al liggend bleven doorgiebelen.

Gisteren kondigde Niels aan dat hij goed nieuws én slecht nieuws had over de vorderingen. Het goede nieuws was dat een nieuwe instudeerpoging een iets beter resultaat had opgeleverd dan de dagen ervoor. Het slechte nieuws was dat hij het resultaat nog steeds beroerd vond. Ondertussen hadden de kinderen ook nog bedacht dat er een arreslee moest komen om het geheel te completeren.

Dat wordt al met al een toneeluitvoering met een open einde met een groot beroep op het improvisatievermogen van zowel spelers als toeschouwers. Ik ben heel benieuwd of hij vandaag bij het optreden zijn kudde binnen de leibanden van de denkbeeldige arreslee krijgt.

Naschrift: Het meisje dat het zielige hertje zou spelen, bleek vandaag bij de uitvoering ziek te zijn. Een ander kind is moeiteloos in het gat gesprongen en heeft de rol met verve gespeeld. De toeschouwers hebben van dit alles niets in de gaten gehad en zelfs de verdwenen arreslee niet gemist.

Wednesday, December 3, 2008

Hoe je een interviewpartner ontdooit

Interviewen is het allerleukste van mijn werk, naast schrijven natuurlijk. En dan niet per telefoon, want dat is me vaak te vluchtig. Nee, ik wil bij iemand op bezoek en een mooi persoonlijk gesprek voeren. Echt contact maken vinden de meeste interviewpartners zelf trouwens ook prettig. Bijna iedereen vindt het leuk om zijn activiteiten en achterliggende gedachten uit de doeken te doen aan iemand die daaraan speciaal aandacht schenkt.

Slechts een enkele keer tref ik een technocraat, die hoofdzakelijk over cijfertjes en procedures wil vertellen. Maar zelfs de grootste procedurefreak blijkt te ontdooien als ik naar zijn drijfveren vraag. Zoals vorige week, toen ik na een uur praten over systemen, modules en controles mijn interviewpartner vroeg waarom hij zelf dit werk zo leuk vond. Ik had allerlei soorten antwoorden verwacht, maar niet dat ménsen zijn grote passie waren. Als psycholoog wilde hij er alles aan doen om het welzijn van de mensen om hem heen te verbeteren.

Gebruiksaanwijzing
Iedere interviewpartner heeft een eigen gebruiksaanwijzing, dus de uitdaging is om die te ontdekken. Vandaag trof ik een topman, die volgens mijn bronnen een buitengewoon goed benaderbare persoon was. Maar hij reageerde een beetje vreemd, want hij keek naar buiten in plaats van naar mij als zijn gesprekspartner. Ook raakte hij geïrriteerd wanneer ik hem onderbrak of hem een kant opstuurde die hij niet wilde. Ik bleek geïntroduceerd te zijn als de journaliste die hem binnenstebuiten kwam keren en daar had hij overduidelijk weinig trek in.

Ik ontdekte dat het bij hem weinig zin had om op het scherpst van de snede door te vragen. Daarom schoof ik mijn stoel naar achteren en liet hem zijn eigen gedachten verwoorden. Dat hij steeds naar buiten keek, bleek toen ineens heel vruchtbaar. Hij vertelde over zijn Brabantse afkomst, de ware betekenis van een Bourgondische levensstijl, nestwarmte, vertrouwen, zijn voorbeeldfiguren, zijn persoonlijke beleving van het geloof en ontvouwde uiteindelijk ook zijn beeld van het hiernamaals. Zijn inspiratie haalde hij uit de levensverhalen van historische personen, die bewust ervoor kozen om niet voor het eigen gewin te gaan. En dat allemaal in één uur tijd!

Maar na dat uur was het ook ineens klaar. Plotsklaps was zijn geduld verdwenen en stond hij bruusk op om zijn emails te checken. Hij drukte me op de valreep zijn visitekaartje nog in de hand en dat was het dan. Een beetje overdonderd stond ik even later op de directiegang vol glaswanden en enorme kunstwerken. Maar ik ging heel gelukkig naar huis.

Hoe je een interviewpartner ontdooit

Interviewen is het allerleukste van mijn werk, naast schrijven natuurlijk. En dan niet per telefoon, want dat is me vaak te vluchtig. Nee, ik wil bij iemand op bezoek en een mooi persoonlijk gesprek voeren. Echt contact maken vinden de meeste interviewpartners zelf trouwens ook prettig. Bijna iedereen vindt het leuk om zijn activiteiten en achterliggende gedachten uit de doeken te doen aan iemand die daaraan speciaal aandacht schenkt.

Slechts een enkele keer tref ik een technocraat, die hoofdzakelijk over cijfertjes en procedures wil vertellen. Maar zelfs de grootste procedurefreak blijkt te ontdooien als ik naar zijn drijfveren vraag. Zoals vorige week, toen ik na een uur praten over systemen, modules en controles mijn interviewpartner vroeg waarom hij zelf dit werk zo leuk vond. Ik had allerlei soorten antwoorden verwacht, maar niet dat ménsen zijn grote passie waren. Als psycholoog wilde hij er alles aan doen om het welzijn van de mensen om hem heen te verbeteren.

Gebruiksaanwijzing
Iedere interviewpartner heeft een eigen gebruiksaanwijzing, dus de uitdaging is om die te ontdekken. Vandaag trof ik een topman, die volgens mijn bronnen een buitengewoon goed benaderbare persoon was. Maar hij reageerde een beetje vreemd, want hij keek naar buiten in plaats van naar mij als zijn gesprekspartner. Ook raakte hij geïrriteerd wanneer ik hem onderbrak of hem een kant opstuurde die hij niet wilde. Ik bleek geïntroduceerd te zijn als de journaliste die hem binnenstebuiten kwam keren en daar had hij overduidelijk weinig trek in.

Ik ontdekte dat het bij hem weinig zin had om op het scherpst van de snede door te vragen. Daarom schoof ik mijn stoel naar achteren en liet hem zijn eigen gedachten verwoorden. Dat hij steeds naar buiten keek, bleek toen ineens heel vruchtbaar. Hij vertelde over zijn Brabantse afkomst, de ware betekenis van een Bourgondische levensstijl, nestwarmte, vertrouwen, zijn voorbeeldfiguren, zijn persoonlijke beleving van het geloof en ontvouwde uiteindelijk ook zijn beeld van het hiernamaals. Zijn inspiratie haalde hij uit de levensverhalen van historische personen, die bewust ervoor kozen om niet voor het eigen gewin te gaan. En dat allemaal in één uur tijd!

Maar na dat uur was het ook ineens klaar. Plotsklaps was zijn geduld verdwenen en stond hij bruusk op om zijn emails te checken. Hij drukte me op de valreep zijn visitekaartje nog in de hand en dat was het dan. Een beetje overdonderd stond ik even later op de directiegang vol glaswanden en enorme kunstwerken. Maar ik ging heel gelukkig naar huis.