In mijn mailbox zaten de afgelopen week twee enquetes van organisaties voor zelfstandig ondernemers en freelance journalisten. Beide enquetes waren bedoeld om een antwoord te krijgen op de vraag of zzp'ers dan wel zelfstandig werkende journalisten de klappen van de crisis incasseren. De vragen hadden een buitengewoon negatieve insteek. Of mijn tarieven al afgeknepen waren? Of ik tegen een lege orderportefeuille zat aan te kijken? Of ik onder (nóg) slechtere condities mijn werk moet doen om het hoofd nog enigszins boven water te houden?
Het kan natuurlijk zijn dat ik vrolijk rondvaar op een Titanic en de ijsbergen niet zie, die zich onder de waterspiegel verborgen houden. Want ik herken de veronderstellingen van de vragenstellers helemaal niet. Ik heb meer dan genoeg werk. En ik denk niet dat ik de enige ben, want op een bijeenkomst met veel andere zelfstandige journalisten hoorde ik eenzelfde geluiden. Sterker nog, er werd gezocht naar collega's die een overvloed aan werk konden overnemen.
Dezelfde journalistenorganisatie stuurde ook nog een enquete om te peilen of verslaggevers in 'moeilijke stadswijken' gehinderd dan wel geintimideerd worden bij hun werk. Ook daar waren namelijk signalen over, die de organisatie wat beter in kaart wilde brengen. Het was dezelfde negatieve insteek als de enquete over de crisis: de vragensteller ging er bij voorbaat al van uit dat het erg lastig is om je met notitieblokje of camera in een Prachtwijk te begeven. Gelukkig was er helemaal aan het eind van de vragenlijst nog een vakje open, waar ik kon melden dat ik in de Schilderswijk, Laak of Moerwijk nog nooit iets negatiefs heb meegemaakt.
Journalisten dienen toch te weten dat je met een bepaalde toonzetting de geënqueteerden al een bepaalde kant op stuurt. Dus als je volgende week de presentatie van onderzoeksresultaten hoort over de gevolgen van de crisis voor zzp'ers, dan zou ik die maar met een korrel zout nemen.
MARI
Showing posts with label journalistiek. Show all posts
Showing posts with label journalistiek. Show all posts
Thursday, March 5, 2009
Crisis, hoe zo?
In mijn mailbox zaten de afgelopen week twee enquetes van organisaties voor zelfstandig ondernemers en freelance journalisten. Beide enquetes waren bedoeld om een antwoord te krijgen op de vraag of zzp'ers dan wel zelfstandig werkende journalisten de klappen van de crisis incasseren. De vragen hadden een buitengewoon negatieve insteek. Of mijn tarieven al afgeknepen waren? Of ik tegen een lege orderportefeuille zat aan te kijken? Of ik onder (nóg) slechtere condities mijn werk moet doen om het hoofd nog enigszins boven water te houden?
Het kan natuurlijk zijn dat ik vrolijk rondvaar op een Titanic en de ijsbergen niet zie, die zich onder de waterspiegel verborgen houden. Want ik herken de veronderstellingen van de vragenstellers helemaal niet. Ik heb meer dan genoeg werk. En ik denk niet dat ik de enige ben, want op een bijeenkomst met veel andere zelfstandige journalisten hoorde ik eenzelfde geluiden. Sterker nog, er werd gezocht naar collega's die een overvloed aan werk konden overnemen.
Dezelfde journalistenorganisatie stuurde ook nog een enquete om te peilen of verslaggevers in 'moeilijke stadswijken' gehinderd dan wel geintimideerd worden bij hun werk. Ook daar waren namelijk signalen over, die de organisatie wat beter in kaart wilde brengen. Het was dezelfde negatieve insteek als de enquete over de crisis: de vragensteller ging er bij voorbaat al van uit dat het erg lastig is om je met notitieblokje of camera in een Prachtwijk te begeven. Gelukkig was er helemaal aan het eind van de vragenlijst nog een vakje open, waar ik kon melden dat ik in de Schilderswijk, Laak of Moerwijk nog nooit iets negatiefs heb meegemaakt.
Journalisten dienen toch te weten dat je met een bepaalde toonzetting de geënqueteerden al een bepaalde kant op stuurt. Dus als je volgende week de presentatie van onderzoeksresultaten hoort over de gevolgen van de crisis voor zzp'ers, dan zou ik die maar met een korrel zout nemen.
Het kan natuurlijk zijn dat ik vrolijk rondvaar op een Titanic en de ijsbergen niet zie, die zich onder de waterspiegel verborgen houden. Want ik herken de veronderstellingen van de vragenstellers helemaal niet. Ik heb meer dan genoeg werk. En ik denk niet dat ik de enige ben, want op een bijeenkomst met veel andere zelfstandige journalisten hoorde ik eenzelfde geluiden. Sterker nog, er werd gezocht naar collega's die een overvloed aan werk konden overnemen.
Dezelfde journalistenorganisatie stuurde ook nog een enquete om te peilen of verslaggevers in 'moeilijke stadswijken' gehinderd dan wel geintimideerd worden bij hun werk. Ook daar waren namelijk signalen over, die de organisatie wat beter in kaart wilde brengen. Het was dezelfde negatieve insteek als de enquete over de crisis: de vragensteller ging er bij voorbaat al van uit dat het erg lastig is om je met notitieblokje of camera in een Prachtwijk te begeven. Gelukkig was er helemaal aan het eind van de vragenlijst nog een vakje open, waar ik kon melden dat ik in de Schilderswijk, Laak of Moerwijk nog nooit iets negatiefs heb meegemaakt.
Journalisten dienen toch te weten dat je met een bepaalde toonzetting de geënqueteerden al een bepaalde kant op stuurt. Dus als je volgende week de presentatie van onderzoeksresultaten hoort over de gevolgen van de crisis voor zzp'ers, dan zou ik die maar met een korrel zout nemen.
Sunday, March 1, 2009
Verse inspiratie uit de zaterdagkrant
Kranten maken momenteel zware tijden door. Alle reden om de dagbladenjournalistiek te steunen, óók door de krantenartikelen extra aandachtig te lezen. Heel goed voor de dagelijkse inspiratie, om trends op te sporen en om nieuwe ideeën op te doen, stelt het COCD in dit artikel. Vooral de zaterdagkrant is heerlijk leesvoer. Dus pak die dikke bijlages er nog maar eens bij en ga weer lezen.
Labels:
Dagbladen,
Idee,
inspiratie,
journalistiek,
Media
Verse inspiratie uit de zaterdagkrant
Kranten maken momenteel zware tijden door. Alle reden om de dagbladenjournalistiek te steunen, óók door de krantenartikelen extra aandachtig te lezen. Heel goed voor de dagelijkse inspiratie, om trends op te sporen en om nieuwe ideeën op te doen, stelt het COCD in dit artikel. Vooral de zaterdagkrant is heerlijk leesvoer. Dus pak die dikke bijlages er nog maar eens bij en ga weer lezen.
Labels:
Dagbladen,
Idee,
inspiratie,
journalistiek,
Media
Wednesday, December 3, 2008
Hoe je een interviewpartner ontdooit
Interviewen is het allerleukste van mijn werk, naast schrijven natuurlijk. En dan niet per telefoon, want dat is me vaak te vluchtig. Nee, ik wil bij iemand op bezoek en een mooi persoonlijk gesprek voeren. Echt contact maken vinden de meeste interviewpartners zelf trouwens ook prettig. Bijna iedereen vindt het leuk om zijn activiteiten en achterliggende gedachten uit de doeken te doen aan iemand die daaraan speciaal aandacht schenkt.
Slechts een enkele keer tref ik een technocraat, die hoofdzakelijk over cijfertjes en procedures wil vertellen. Maar zelfs de grootste procedurefreak blijkt te ontdooien als ik naar zijn drijfveren vraag. Zoals vorige week, toen ik na een uur praten over systemen, modules en controles mijn interviewpartner vroeg waarom hij zelf dit werk zo leuk vond. Ik had allerlei soorten antwoorden verwacht, maar niet dat ménsen zijn grote passie waren. Als psycholoog wilde hij er alles aan doen om het welzijn van de mensen om hem heen te verbeteren.
Gebruiksaanwijzing
Iedere interviewpartner heeft een eigen gebruiksaanwijzing, dus de uitdaging is om die te ontdekken. Vandaag trof ik een topman, die volgens mijn bronnen een buitengewoon goed benaderbare persoon was. Maar hij reageerde een beetje vreemd, want hij keek naar buiten in plaats van naar mij als zijn gesprekspartner. Ook raakte hij geïrriteerd wanneer ik hem onderbrak of hem een kant opstuurde die hij niet wilde. Ik bleek geïntroduceerd te zijn als de journaliste die hem binnenstebuiten kwam keren en daar had hij overduidelijk weinig trek in.
Ik ontdekte dat het bij hem weinig zin had om op het scherpst van de snede door te vragen. Daarom schoof ik mijn stoel naar achteren en liet hem zijn eigen gedachten verwoorden. Dat hij steeds naar buiten keek, bleek toen ineens heel vruchtbaar. Hij vertelde over zijn Brabantse afkomst, de ware betekenis van een Bourgondische levensstijl, nestwarmte, vertrouwen, zijn voorbeeldfiguren, zijn persoonlijke beleving van het geloof en ontvouwde uiteindelijk ook zijn beeld van het hiernamaals. Zijn inspiratie haalde hij uit de levensverhalen van historische personen, die bewust ervoor kozen om niet voor het eigen gewin te gaan. En dat allemaal in één uur tijd!
Maar na dat uur was het ook ineens klaar. Plotsklaps was zijn geduld verdwenen en stond hij bruusk op om zijn emails te checken. Hij drukte me op de valreep zijn visitekaartje nog in de hand en dat was het dan. Een beetje overdonderd stond ik even later op de directiegang vol glaswanden en enorme kunstwerken. Maar ik ging heel gelukkig naar huis.
Slechts een enkele keer tref ik een technocraat, die hoofdzakelijk over cijfertjes en procedures wil vertellen. Maar zelfs de grootste procedurefreak blijkt te ontdooien als ik naar zijn drijfveren vraag. Zoals vorige week, toen ik na een uur praten over systemen, modules en controles mijn interviewpartner vroeg waarom hij zelf dit werk zo leuk vond. Ik had allerlei soorten antwoorden verwacht, maar niet dat ménsen zijn grote passie waren. Als psycholoog wilde hij er alles aan doen om het welzijn van de mensen om hem heen te verbeteren.
Gebruiksaanwijzing
Iedere interviewpartner heeft een eigen gebruiksaanwijzing, dus de uitdaging is om die te ontdekken. Vandaag trof ik een topman, die volgens mijn bronnen een buitengewoon goed benaderbare persoon was. Maar hij reageerde een beetje vreemd, want hij keek naar buiten in plaats van naar mij als zijn gesprekspartner. Ook raakte hij geïrriteerd wanneer ik hem onderbrak of hem een kant opstuurde die hij niet wilde. Ik bleek geïntroduceerd te zijn als de journaliste die hem binnenstebuiten kwam keren en daar had hij overduidelijk weinig trek in.
Ik ontdekte dat het bij hem weinig zin had om op het scherpst van de snede door te vragen. Daarom schoof ik mijn stoel naar achteren en liet hem zijn eigen gedachten verwoorden. Dat hij steeds naar buiten keek, bleek toen ineens heel vruchtbaar. Hij vertelde over zijn Brabantse afkomst, de ware betekenis van een Bourgondische levensstijl, nestwarmte, vertrouwen, zijn voorbeeldfiguren, zijn persoonlijke beleving van het geloof en ontvouwde uiteindelijk ook zijn beeld van het hiernamaals. Zijn inspiratie haalde hij uit de levensverhalen van historische personen, die bewust ervoor kozen om niet voor het eigen gewin te gaan. En dat allemaal in één uur tijd!
Maar na dat uur was het ook ineens klaar. Plotsklaps was zijn geduld verdwenen en stond hij bruusk op om zijn emails te checken. Hij drukte me op de valreep zijn visitekaartje nog in de hand en dat was het dan. Een beetje overdonderd stond ik even later op de directiegang vol glaswanden en enorme kunstwerken. Maar ik ging heel gelukkig naar huis.
Labels:
Geluk,
inspiratie,
Interview,
journalistiek,
schrijven,
Verhaal
Hoe je een interviewpartner ontdooit
Interviewen is het allerleukste van mijn werk, naast schrijven natuurlijk. En dan niet per telefoon, want dat is me vaak te vluchtig. Nee, ik wil bij iemand op bezoek en een mooi persoonlijk gesprek voeren. Echt contact maken vinden de meeste interviewpartners zelf trouwens ook prettig. Bijna iedereen vindt het leuk om zijn activiteiten en achterliggende gedachten uit de doeken te doen aan iemand die daaraan speciaal aandacht schenkt.
Slechts een enkele keer tref ik een technocraat, die hoofdzakelijk over cijfertjes en procedures wil vertellen. Maar zelfs de grootste procedurefreak blijkt te ontdooien als ik naar zijn drijfveren vraag. Zoals vorige week, toen ik na een uur praten over systemen, modules en controles mijn interviewpartner vroeg waarom hij zelf dit werk zo leuk vond. Ik had allerlei soorten antwoorden verwacht, maar niet dat ménsen zijn grote passie waren. Als psycholoog wilde hij er alles aan doen om het welzijn van de mensen om hem heen te verbeteren.
Gebruiksaanwijzing
Iedere interviewpartner heeft een eigen gebruiksaanwijzing, dus de uitdaging is om die te ontdekken. Vandaag trof ik een topman, die volgens mijn bronnen een buitengewoon goed benaderbare persoon was. Maar hij reageerde een beetje vreemd, want hij keek naar buiten in plaats van naar mij als zijn gesprekspartner. Ook raakte hij geïrriteerd wanneer ik hem onderbrak of hem een kant opstuurde die hij niet wilde. Ik bleek geïntroduceerd te zijn als de journaliste die hem binnenstebuiten kwam keren en daar had hij overduidelijk weinig trek in.
Ik ontdekte dat het bij hem weinig zin had om op het scherpst van de snede door te vragen. Daarom schoof ik mijn stoel naar achteren en liet hem zijn eigen gedachten verwoorden. Dat hij steeds naar buiten keek, bleek toen ineens heel vruchtbaar. Hij vertelde over zijn Brabantse afkomst, de ware betekenis van een Bourgondische levensstijl, nestwarmte, vertrouwen, zijn voorbeeldfiguren, zijn persoonlijke beleving van het geloof en ontvouwde uiteindelijk ook zijn beeld van het hiernamaals. Zijn inspiratie haalde hij uit de levensverhalen van historische personen, die bewust ervoor kozen om niet voor het eigen gewin te gaan. En dat allemaal in één uur tijd!
Maar na dat uur was het ook ineens klaar. Plotsklaps was zijn geduld verdwenen en stond hij bruusk op om zijn emails te checken. Hij drukte me op de valreep zijn visitekaartje nog in de hand en dat was het dan. Een beetje overdonderd stond ik even later op de directiegang vol glaswanden en enorme kunstwerken. Maar ik ging heel gelukkig naar huis.
Slechts een enkele keer tref ik een technocraat, die hoofdzakelijk over cijfertjes en procedures wil vertellen. Maar zelfs de grootste procedurefreak blijkt te ontdooien als ik naar zijn drijfveren vraag. Zoals vorige week, toen ik na een uur praten over systemen, modules en controles mijn interviewpartner vroeg waarom hij zelf dit werk zo leuk vond. Ik had allerlei soorten antwoorden verwacht, maar niet dat ménsen zijn grote passie waren. Als psycholoog wilde hij er alles aan doen om het welzijn van de mensen om hem heen te verbeteren.
Gebruiksaanwijzing
Iedere interviewpartner heeft een eigen gebruiksaanwijzing, dus de uitdaging is om die te ontdekken. Vandaag trof ik een topman, die volgens mijn bronnen een buitengewoon goed benaderbare persoon was. Maar hij reageerde een beetje vreemd, want hij keek naar buiten in plaats van naar mij als zijn gesprekspartner. Ook raakte hij geïrriteerd wanneer ik hem onderbrak of hem een kant opstuurde die hij niet wilde. Ik bleek geïntroduceerd te zijn als de journaliste die hem binnenstebuiten kwam keren en daar had hij overduidelijk weinig trek in.
Ik ontdekte dat het bij hem weinig zin had om op het scherpst van de snede door te vragen. Daarom schoof ik mijn stoel naar achteren en liet hem zijn eigen gedachten verwoorden. Dat hij steeds naar buiten keek, bleek toen ineens heel vruchtbaar. Hij vertelde over zijn Brabantse afkomst, de ware betekenis van een Bourgondische levensstijl, nestwarmte, vertrouwen, zijn voorbeeldfiguren, zijn persoonlijke beleving van het geloof en ontvouwde uiteindelijk ook zijn beeld van het hiernamaals. Zijn inspiratie haalde hij uit de levensverhalen van historische personen, die bewust ervoor kozen om niet voor het eigen gewin te gaan. En dat allemaal in één uur tijd!
Maar na dat uur was het ook ineens klaar. Plotsklaps was zijn geduld verdwenen en stond hij bruusk op om zijn emails te checken. Hij drukte me op de valreep zijn visitekaartje nog in de hand en dat was het dan. Een beetje overdonderd stond ik even later op de directiegang vol glaswanden en enorme kunstwerken. Maar ik ging heel gelukkig naar huis.
Labels:
Geluk,
inspiratie,
Interview,
journalistiek,
schrijven,
Verhaal
Subscribe to:
Posts (Atom)
